SOCIAL TASK

De sprong over de sporen

Gebiedsontwikkeling en mobiliteit in één samenwerking

Door: Daan Bardie | E-mail: daanbardie@task.nl | Leestijd: ±6 minuten

Deze zomer kwam het nieuws naar buiten dat NS, ProRail, gemeente Amsterdam en Vervoerregio Amsterdam (VRA) de handen ineenslaan om station Amsterdam Sloterdijk te gaan vernieuwen tot een modern station dat klaar is voor de toekomst. Goede verbindingen en faciliteiten voor reizigers die er met de trein, metro, bus, tram en fiets komen, een vernieuwd station en een overzichtelijk, prettig stationsgebied. De vier partijen hebben hiervoor een intentieovereenkomst getekend en gaan nu aan de slag met de verkenning. Een interessante en unieke opgave. De partijen willen de stationsvernieuwing namelijk grotendeels financieren vanuit spooroverbouwing met vastgoedontwikkeling, in plaats van de gebruikelijke financiering door het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Namens TASK is Céline Bos als projectmanager van de gemeente Amsterdam actief betrokken bij de verkenning van station Sloterdijk. Ik ging in gesprek met Céline over de gezamenlijke opgave, haar passie voor gebiedsontwikkelingen en de samenwerking met TASK.

Als ik Céline vraag hoe ze in contact is gekomen met TASK begint ze hardop te lachen: “Dat is een leuk verhaal”, begint ze, “op een avond, volgens mij in 2007, ging de telefoon. Dat was in de tijd dat je iedere avond gebeld werd door pensioenadviseurs, mensen die kunststof raamkozijnen wilden verkopen, enzovoort. Het was toen zelfs zo erg dat heel veel mensen tussen zes en acht ’s avonds de telefoon niet meer opnamen. Aan de lijn hing een onbekende man en hij begon met een gelikt verkooppraatje, dus ik dacht ‘oh, daar gaan we weer…’ en wimpelde hem heel netjes af. Hij wist me toch te overtuigen om nog niet op te hangen en uiteindelijk hadden we een heel leuk gesprek. Zo ben ik in contact gekomen met TASK.” Céline legt uit dat ze toen de samenwerking met TASK is aangegaan vanwege de sterke ontwikkeling in de infra: “Mijn ervaring lag voornamelijk in de gebiedsontwikkeling en normaal gesproken zijn dat sterk gescheiden werelden: de gebiedsontwikkeling en de infra. Dat stoort me een beetje. Dus ik vond het verfrissend om de andere kant eens mee te maken. Het geeft weer nieuwe invalshoeken. Er was dus een vakinhoudelijke aansluiting. Bovendien voelde ik ook een klik met de mensen van TASK, dat maakte de keuze makkelijk. Met TASK heb ik mogen werken aan een aantal mooie gebiedsontwikkelingsprojecten.”

“Er wordt een opgave bedacht en later wordt er geld bij georganiseerd om de opgave te financieren”

Gewoon een goede samenwerking

Momenteel voert Céline voor TASK twee opdrachten uit: beide als projectmanager voor gebiedsontwikkelingsopgaven van de gemeente Amsterdam. Eén gericht op woningbouwprojecten en de ander dus de verkenning van het nieuwe station Sloterdijk. “De rollen zijn op papier hetzelfde, maar ze zijn totaal onvergelijkbaar”, legt Céline uit, “In die eerste opdracht is mijn rol van projectmanager, nou ja, een beetje de klassieke rol… Voor de stationsontwikkeling bij Sloterdijk ben ik eigenlijk veel meer een procesmanager. Ik ben de vertegenwoordiger van de gemeente en ik werk samen met NS, ProRail en VRA. Het is mijn taak om alle neuzen dezelfde kant op te krijgen, zowel intern als extern. De intentieovereenkomst die nu getekend is gaat natuurlijk ook over inhoud, maar de bottom-line is: gewoon een goede samenwerking. Het zijn natuurlijk vier grote organisaties met tótaal verschillende werkwijzen, andere aansturing en uiteenlopende referentiekaders. Dat maakt het een complexe opgave. Om een voorbeeld te noemen: ProRail is van oudsher afhankelijk van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW). Het IenW geeft aan wat ze willen en op het moment dat daar budget beschikbaar voor wordt gesteld, dan wordt er een opdracht uitgezet aan ProRail. Dat proces is over het algemeen vast omlijnd. Als je kijkt naar de gemeente Amsterdam, dan komen er naast opdrachten van de raad en het college ook opgaven van onderaf tot stand. Dat kan een Amsterdamse ambtenaar zijn, maar ook bijvoorbeeld een bewonersgroep. Er wordt een opgave bedacht en later wordt er geld bij georganiseerd om de opgave te financieren. De NS heeft door zijn verschillende aandachtsgebieden intern verschillende werkwijzen. Iedere partij heeft zijn eigen referentie van wat de leidende werkwijze is, dus daar moet je een goede modus in zien te vinden. De stationsontwikkeling Sloterdijk staat of valt met een goede samenwerking van de verschillende partijen. Los van wat de uitkomst is van de verkenning die we uitvoeren, dit vraagt gewoon een hele goede samenwerking.”

Wolkenkrabber boven het spoor?

Station Amsterdam Sloterdijk is ruim 30 jaar oud. De afgelopen jaren is het gebied rondom het station sterk veranderd. De vele kantoren van vroeger maken langzaam plaats voor een groen woon-en-werkgebied. Het is de bedoeling dat deze transformatie wordt voortgezet met de vernieuwing van Station Sloterdijk: “Een mix van functies”, noemt Céline, “Het oude monofunctionele van een kantoorgebied is absoluut niet meer de bedoeling. Gemeente Amsterdam stimuleert nu heel sterk de woningbouw. En als het gaat om commerciële functies, dan moet er ook plek zijn voor sport en cultuur.” Bij de vernieuwing van het stationsgebied wordt er ook gekeken naar het overbouwen van het spoor. “Heel logisch”, vertelt Céline, “Overal in Nederland wordt in stedelijke gebieden gezocht naar bouwgrond en overal is die heel erg schaars. Zeker in Amsterdam. Bij station Sloterdijk onderzoeken we ook of we opbrengsten kunnen realiseren uit het overbouwen van het spoor. We weten namelijk dat IenW tot 2030 geen budget heeft voor deze stationsverbetering en alle andere stations van Amsterdam. De ambitie is om met spooroverbouwing opbrengsten te genereren voor de vernieuwing van het station, de directe omgeving, de openbare ruimte en alles wat daarmee samenhangt. Wij willen echt over alle sporen heen, als een soort van brug of tafel, bebouwing realiseren. NS is met dat idee gekomen. En als het aan de gemeente Amsterdam ligt, overbouwing ook het liefst met een wolkenkrabber.”

“Je kunt als gemeente niet een rol aannemen om maar even te bepalen hoe het eindplaatje eruit moet zien”

Céline herhaalt weer dat de partijen elkaar echt nodig hebben om deze ambities te realiseren en legt uit dat de gemeente Amsterdam geen directieve of overheersende houding daarbij moet aannemen: “Het station zelf is natuurlijk ook onderwerp en eigendom van NS en ProRail. Je kunt als gemeente niet een rol aannemen om maar even te bepalen hoe het eindplaatje eruit moet zien. Het is de kunst om de inbreng vanuit Amsterdam mee te nemen, maar dat wel in evenwicht te brengen met de ideeën van de andere partijen om te komen tot een vernieuwing. Samen verzinnen we creatieve vormen als dat nodig is, daarnaast bedenken we welke randvoorwaarden daarbij horen. Daar hebben we elkaar echt voor nodig. Qua informatie, qua ideeën, qua ervaring met de spoorwetgeving, externe veiligheid langs het spoor, trillingshinder, enzovoort. Wij hebben heel veel ambities als Amsterdam en die willen we zeker ook wel terugzien, maar dat moet wel in balans zijn met de opgave en met wat de andere partijen reëel en wenselijk achten. Dat is een soort evenwichtsbalk.”

Verwachtingenmanagement

Volgens Céline is de grootste uitdaging van de opgave de samenwerking tussen de vier partijen. Een andere motivatie voor haar is het verwachtingenmanagement over het eindresultaat. Céline legt uit dat de verkenning heel positief kan uitpakken, maar dat een negatieve uitkomst ook mogelijk is: “We hopen natuurlijk dat de stationsvernieuwing mogelijk blijkt en dat de randvoorwaarden te overzien zijn, maar de andere kant van het spectrum moeten we ook niet uitsluiten. Dus dat het wel mogelijk is, maar dat er zulke zware condities aan gekoppeld zijn dat het project tot hele lastige politieke en/of vakinhoudelijke discussies gaat leiden. Dat kwartje kan verschillende kanten uitvallen. Dat is de ene kant van het verwachtingenmanagement. Aan de andere kant, wordt er bij dit soort opgaves meestal een vrij concreet plan of ontwerp gemaakt. Dat is de meest gangbare manier van denken. Maar dat is hier niet de bedoeling. Wij hebben de afspraak dat we een ontwikkelstrategie gaan opstellen. En wij moeten iedereen meekrijgen in de gedachte van: wat is nou een ontwikkelstrategie én wat is het niet? Dat is niet een panklaar product wat je zo van de plank haalt. Ja, dat is heel erg, de goede verwachtingen wekken. Hoe dat beestje, de ontwikkelstrategie, er nou uit moet zien en wat er allemaal voor nodig is, dat vind ik heel erg leuk. Ik kan er goed mee overweg dat het uitermate onzeker is wat de uitkomst is.”

“Ik ben blij dat het heel complex is en dat het voor ons allemaal een zoektocht is”

Tijdens ons gesprek proef ik veel enthousiasme bij Céline en als ik haar vraag waarom juist deze opgave haar zo aanspreekt antwoordt ze: “Als het allemaal heel makkelijk en overzichtelijk zou zijn, dan zou ik daar totaal geen energie van krijgen. Dus ik ben blij dat het heel complex is en dat het voor ons allemaal een zoektocht is. Wat ik ook heel mooi vind, is dat deze verkenning voortkomt uit de gebiedsontwikkeling, maar dat de opgave die er nu ligt echt een combinatie is van gebiedsontwikkeling met infrastructuur. Zoals ik al eerder zei, dat is geen vanzelfsprekendheid.”


Foto: Céline wijst naar de voetgangersbewegwijzering buiten bij station Amsterdam Sloterdijk. Opvallend is dat “Spoor 9 en 10” bovenaan te lezen valt, deze sporen liggen dus buiten het station.

Bron:Publicatiedatum: 5 november 2019
Aanmelden TASK Nieuwsbrief
Meer info? Kom in contact
Meer informatie?

Neem dan contact met ons op!

T   030-2819300
E   info@task.nl

Top