SOCIAL TASK

De lessen van Oma

Wiebe Gielen Assistent Projectmanager OMA en Felix Paleari Projectmanager OMA (beiden TASK projectconsultants)

OMA is niet meer. Of nou ja, bijna niet meer. Ze kijkt terug op een mooi leven en wil ons op de valreep nog een paar lessen meegeven. Dat was het verhaal dat Projectmanager Felix Paleari (TASK) vertelde in het laatste PMT van het Projectencentrum. Op verzoek deelt OMA nog één keer haar wijze lessen met ons. Voor wie OMA niet heeft gekend…meer informatie over haar vind je hier>>

OMA is geboren als een D&C contract, logisch vond iedereen toen in Amsterdam, maar of dat eigenlijk wel zo logisch was, vraagt ze zich nu af. De context waarin ze in opgroeide kreeg ze nauwelijks de mogelijkheid om zelf dingen te bedenken. Iedereen om haar heen wist precies wat ze wilden en hoe ze het wilden. Als je zo goed weet wat je wil dan kun je het maar beter ook precies zo vragen, vindt OMA. Of te wel: Wanneer er niets te designen valt, moet je die vrijheid misschien ook niet geven.

Er wordt veel gepraat in zo’n project, gezellig vindt OMA koekje d’r bij, maar als je niets afspreekt, gebeurt er ook niets, merkte ze op een gegeven moment. Daarom heeft ze de regel ingesteld. Lullen mag. Maar niemand verlaat de ruimte voordat voor er duidelijke afspraken zijn gemaakt over het poetsen.

Grijs is mooi voor je haren op een zekere leeftijd, maar verder moet je die kleur zo veel mogelijk uit je project houden, vindt OMA. Grijze gebieden zorgen voor ellende. Trek duidelijke grenzen zodat iedereen weet wie waarvan is.

Je kent ze wel die dagelijkse horoscopen in de krant. Hoe minder specifiek, hoe groter de kans dat je je er in herkent en dat het klopt. Zo is het ook met opdrachten, vindt OMA. Het is makkelijk om iets op te schrijven waar iedereen zich in kan vinden. Maar net zo min als OMA in horoscopen gelooft, gelooft ze dat het goed komt met vage opdrachtomschrijvingen. Oftewel: wees specifiek, anders kun je maar één ding met zekerheid voospellen: namelijk dat het niet goed komt met je opdracht.

Er was een tijd dat OMA bijna in scheiding lag met haar partner. Communiceren deden ze enkel nog per mail en brief en het liefst via hun juristen. Met als gevolg dat ze uiteindelijk over bijna alles ruzie hadden. Nadat ze in therapie zijn gegaan, hebben ze besloten om het toch nog met elkaar te proberen. Ze zijn weer bij elkaar gaan wonen en hierdoor moesten ze wel praten. In het begin ging dat nog wat stroef, maar algauw merkten ze dat ze elkaar beter gingen begrijpen. Dit werd meteen OMA’s grootste levensles: als je elkaar niet ziet, mis je een groot deel van de boodschap.

Hoe ver ga je in het aantonen van wat je hebt als iets al in gebruik is? OMA is nog van de oude stempel, degelijkheid en verantwoordingsplicht staan bij haar hoog in het vaandel. Maar vakmanschap ook. En in sommige gevallen moet je daar volgens haar meer op vertrouwen en op basis daarvan durven te beslissen dat iets goed genoeg is.

Zoals vaker in projecten dreigde ook het leven van OMA maar niet te eindigen. Zelf was ze er klaar voor, maar alles bleef maar voortslepen op restpunten. Totdat Ronald Siebrand, als Petrus, de poort dicht dreigde te gooien: Binnen zes weken moest het klaar zijn met OMA. Op dat moment schrok ze daarvan, zes weken was ineens wel erg snel. Maar het bleek precies de duidelijkheid te geven die nodig was, waardoor ze afscheid kon nemen van haar partner. De lange lijst met restpunten werd gereduceerd tot 10 essentiële discussiepunten. En de rest werd netjes overgedragen in haar nalatenschap.

Bron:Gemeente AmsterdamPublicatiedatum: 17 mei 2017
Aanmelden TASK Nieuwsbrief
Meer info? Kom in contact
Top